BEESTENBENDE

Beestachtig beleid… beestachtig beleid…

Mijn hersenen kronkelden als een kluitje geagiteerde slangen in mijn hoofd, maar bleven steken bij het bedenken van halfwas en niet echt treffende oplossingen voor dit obstakel halverwege het cryptogram. Er was al zowat een dierentuin de revue gepasseerd en nog wilden de stukjes niet op hun plaats vallen.

Beleid… beleid… het kon niet anders of het moest iets met regeren of besturen te maken hebben…

Gezien de actualiteit van de afgelopen maanden, probeerde ik mijn gedachten de richting van wankelende dictators en corrupte heersers op te sturen. Werd er immers in de media (en politiek) niet gesuggereerd dat deze potentaten hun bewind op beestachtige wijze in stand hielden?

Puntje, puntje dictatuur? Nee, dat staartje strookte niet met de oplossingen van de andere woorden.

Moebarricade? Mmm, hier ging de dichterlijke vrijheid toch wel ernstig met me aan de haal.

Oliedomheid? Nee ook niet, aan deze fossiele brandstof was zeker al in geen miljoenen jaren een beest  meer te pas gekomen…

Gefrustreerd schudde ik mijn hoofd. Cryptisch denken, het is een eigenaardig fenomeen: het ene moment kraakt en kreunt het in je hersenpan en boer je alleen wat onsamenhangends op, het andere moment klikken de verbanden als vanzelf in elkaar en plopt het juiste woord gewoon tevoorschijn. Dat laatste wilde vandaag echter niet lukken: de vergelijkingen, overeenkomsten en synoniemen waar mijn hersenen mee op de proppen kwamen, sloegen als de spreekwoordelijke tang op het varken. Er groeide waarschijnlijk onkruid tussen mijn grijze cellen.

Onkruid. Ik bedacht me dat er hierbuiten rond het huis in Spanje nog heel wat te wieden viel voor de eerste huurders arriveerden. (Voor diegene onder u die hard aan vakantie toe is en met maximaal 12 lotgenoten op mijn prachtige plekje wil vertoeven; de verhuurkalender heeft nog enkele weken openstaan. Maar dit terzijde.) Met dit mooie weer kon ik net zo goed buiten beginnen om alles helemaal netjes te krijgen. Een zowel therapeutisch, als functioneel karweitje waardoor hopelijk mijn tot nu toe verzonnen, foute hersenspinsels  die alsmaar in mijn hoofd bleven rondwaren en zo andere oplossingen geen kans gaven in de zon zouden verdampen.

Het werk verliep op rolletjes. Het onkruid en de ontsierende stukken steen werden meter voor meter verwijderd en langzaam transformeerde dit stukje berg zich in een heuse tuin.

Tot ik een platte steen optilde: geschrokken en stomverbaasd staarden een dikke pad en ondergetekende elkaar aan.

Padden in combinatie met de hete campo van Andalucia? Het was voor het eerst dat ik hier een pad tegen kwam, ze hoorden er helemaal niet. Voor het dier zelf was het waarschijnlijk ook de eerste keer dat er van die lange dunne benen boven hem uit torenden want hij wist niet hoe snel hij met zijn kop in het zand moest duiken.

Mijn brein ratelde, schakelde en klikte en toverde plots het juiste crypto-antwoord tevoorschijn: struisvogelpolitiek!

Natuurlijk, en hoe actueel! Opgetogen holde ik in een drafje terug naar binnen en vulde het in.

Toen ik ’s avonds naar het debat  over de mislukte helikopteractie keek en daar Hans Hillen zag kwaken en zuchten, maakten mijn hersenen wederom een twist.  Ik zag Hillen niet, nee, ik zag de pad van die middag. En het gekke was, dat het daar niet bij bleef. Het hele pallet aanwezige politici veranderde in een beestenbende.

Emile Roemer bleek de uit de kluiten gewassen everzwijnbeer te zijn die eergisteren in ADHD-modus de berg afstormde in de hoop ergens gelijkgestemden te treffen, maar voor velen juist een beer op de weg blijkt te zijn,  Job Cohen vertoonde een treffende gelijkenis met Iejoor, de sombere grijze ezel die verderop met een veel te korte lijn aan een boom gebonden staat waardoor hij, buiten wat klagelijk gebalk, geen ruimte heeft zich te manifesteren,  Alexander Pechthold werd  het jonge valkje dat ’s avonds schuilt onder onze porche, opfladderend, scherp, maar nog iets te weinig beklijvend, en de stilletjes in hun hoekje zittende PVV-ers leken precies de tjitjaks,

supergezellig wanneer het donker wordt en ze zich rond en in het licht verzamelen, maar o wee de onverlaat die onnadenkend het gezamenlijke trefpunt passeert. De woordvoerders van de drie christelijke partijen verwerden tot de drie schimmels die wij elke dag uit medelijden bijvoeren omdat hun achterban ze zo verwaarloosd heeft dat ze amper vlees op de botten hebben; voor ieder hebben we een aparte eetbak moeten aanschaffen want samen uit dezelfde ruif eten bleek onmogelijk.

Achter de regeringstafel speelde Mark Rutte een metamorfosespelletje, de ene keer was hij de mus die iedere ochtend op het dak van de zijvleugel triomfantelijk met een goudglanzende sprinkhaan in zijn bek vrouwtjes tracht te lokken en die ik ervan verdenk een gedoogdeal gesloten te hebben met het insect in kwestie, dan weer veranderde hij in de haas die heen en weer zigzaggend, zowel links (Kunduz, de gedeelde passie met  het nieuwste eendje in de politieke bijt ,Jolande Sap) als rechts (natuurlijk, Geert: we maken een einde aan die linkse hobby) voldoende overwicht probeert te verkrijgen om zijn ambities bij elkaar te scharrelen. Maxime Verhagen rechts van hem loerde rond als de gier die we hier alleen zien als er een lijk te pikken valt. Sinds die keer dat ik na een dutje in het veld tijdens mijn veldwerk op Sardinië wakker werd en oog in oog met zo’n beest stond weet ik dat hun onbetrouwbaar uiterlijk een weerspiegeling is van hoe ze echt zijn. Zelfs levend ben je er niet veilig voor.

En naast de gier? Daar zag ik tot mijn grote verbazing het evenbeeld van Oeroeboeroe. Eerst dacht ik nog dat het de slimme uil uit Paulus de Boskabouter zelf was maar toen Uri(boeroe) Rosenthal even later zijn mond open deed wist ik dat het alleen maar het tweelingbroertje kon zijn: Oeroeboeroe zelf zou nooit de flaters slaan die ik deze man de afgelopen maanden heb zien produceren. Natuurlijk is er het excuus dat een naam als Rosenthal nu niet bepaald vertrouwen wekt in de Arabische wereld, en met een voornaam als Uri wordt je al gauw geassocieerd met kromme theelepeltjes en daar schiet je verder ook weinig mee op in de internationale politiek (alhoewel, wellicht  wel vermakelijk bij diplomatieke gelegenheden en een stuk goedkoper dan champagne), maar toch… ik hou mijn hart vast als er straks Nederlandse instructeurs in Kunduz zitten met Rosenthal (en Hillen) in het bestuur. Waarachtig, een beestachtig beleid.

Alhoewel, de passie tussen Jolande en Mark lijkt na de helicoptersoap danig bekoeld te zijn. Zozeer zelfs, dat de kortstondige Afghaanse vrijage tussen Groenlinks en de VVD op de helling dreigt te staan.

Daarom, voor het echt zover is, toch maar snel onderstaand recept.

 

Sappige Eend à l’Orange

(geen canard, het blijkt echt waar te zijn dat Groenlinks wellicht tegen Kunduz gaat stemmen)

Eendenborst a la Jolande, een sappig recept en gemakkelijk klaar te maken.

Benodigdheden voor 2 personen:

1 mooie eendenborst
1 – 2 tl 5-kruidenpoeder
zoveel groene asperges als je voor 2 personen lekker vindt
Spaans pepertje
2 teentjes knoflook
stuk verse gember ter grootte van je duim
2 sinaasappels
2 el ketjap manis
2 tl honing
wat blaadjes verse munt
scheutje olie
peper en zout
gekookte aardappeltjes

Begin met de asperges in stukken te snijden en rasp de gember. Hak daarna het Spaanse pepertje en de knoflook fijn.

Schil de sinaasappels en verdeel ze in partjes, doe er de ketjap bij en de honing.

Snij vervolgens met een scherp mes een ruitjespatroon op het vel van de eendenborst en wrijf hem in met wat zout en het 5-kruidenpoeder.

Zet een wok op het vuur en braad daarin, zonder olie, de eendenborst met de velkant naar beneden gedurende een minuut of 10 tot het vel er knapperig uitziet. Draai hem daarna om en bak de andere kant 5 minuten. Haal hem uit de pan en wikkel hem in aluminiumfolie om hem warm te houden.

Maak de wok schoon.

Doe een scheutje olie in de wok en verwarm hem weer en doe er de asperges samen met de gember, het pepertje en de knoflook in. Roerbak alles tot de asperges al dente zijn.

Giet er vervolgens de sinaasappels met ketjap en honing bij, geef het geheel twee draaien van de pepermolen en zet het vuur uit.

Haal de eendenborst uit de olie, giet de aanwezige  jus in de pan en snijdt de borst in dunne plakjes.

Verdeel de eend en de groenten over twee verwarmde borden en scheur er de muntblaadjes over.

Lekker met een oer-Hollandse gepofte aardappel met noodzakelijk glijmiddel (olijfolie werkt uitstekend), maar voor een diplomatieker variant kunt u deze natuurlijk vervangen door: stokbrood, pasta, rijst of couscous.

Smakelijk eten.

(met dank aan Renata)

Geplaatst in Algemeen | Getagged , , , , | 5 Reacties

LUISTERBOEK PJOTRS BORSJT

Het heeft even geduurd maar nu is Pjotrs borsjt eindelijk ook als luisterboek verkrijgbaar. Bij Luisterrijk.nl, dé downloadshop van Nederland voor luisterboeken kunt u het boek downloaden. En het mooie voor het project is dat Luisterrijk.nl dit vanwege hun lustrum allemaal gratis voor de Stichting Weeshuizen Belarus regelt. Dus…. hou je van luisterboeken en wil je Pjotrs borst op je mp3 speler horen (7 1/2 uur luisterplezier), klik dan hier, dan kom je meteen op hun site.  En wil je zowel het luisterboek als het e-book van Pjotrs borsjt hebben, dan is er bij luisterrijk.nl een bijzonder aantrekkelijke aanbieding.

Geplaatst in Nieuws | Een reactie plaatsen

Gastblog Renata Oosterveen

Vlissingen Twee punt Nul

(Henk & Ingrid)

‘U heeft een binnenkomend gesprek,’ meldt de digitale huismanager uit de speaker.
De voicemode van het ding heeft Henk ingesteld op die van de zeer gedateerde cabaretier Hans Teeuwen en na twee maanden van dagelijkse blootstelling aan het geknepen, hyperactieve stemgeluid begint deze Ingrid behoorlijk op de zenuwen te werken. Haar echtgenoot vertoonde wel vaker onbegrijpelijke nostalgische trekjes, zoals de liefde voor zijn stofvergarende collectie ‘gedrukte’ boeken en dat in een tijdperk waarin de allergieveroorzakende boekenmijt was uitgebannen door het geschrevene nog slechts aan te bieden in allergiehoes gehulde e-books en i-pads, of zoals zijn misvormd verlangen naar in real life theaterbezoek. Uren dringen in een rij om uiteindelijk achter in de zaal terecht te komen, zittend naast zwetende of voortdurend kwebbelende buren, kijkend naar een poppetje op het podium vanuit slechts één perspectief, terwijl je nu door de nieuwste holografische technieken met slechts één command een multisurround voorstelling in de huiskamer kon oproepen (en wegzappen wanneer je het beu was).
Doorgaans negeert ze zijn onvolkomenheden op een zelfde wijze als natte handdoeken op de badkamervloer – de Electronic Housekeeper lost al uw problemen voor u op! – maar nu heeft haar geduld de limit bereikt. Hans Teeuwen moet weg!
Vanavond nog zal ze Henk hierover aanspreken, hij vindt zich tenslotte de wizzkid in huis. En zij heeft eenvoudigweg nooit genoeg tijd om zich door de onbegrijpelijke manual heen te worstelen.
Druk, druk, druk, een blik op de digitimer vertelt haar dat er nog 94 minuten resteren voor de afspraak op het meeting point. Snel checkt ze of er nog voldoende credits op hun account staan: stel je voor dat ze tekort komen en niet tot het café worden toegelaten.
‘Zet hem maar op speaker.’
Haar nerveuze vingers doen het lippenpotlood uitschieten.
‘En doe er gelijk 2,5 mg diazepam bij en een glas water.’
‘Wilt u hier vroegtijdig uw paroxetinemedicatie bij hebben?’
Het klinkt alsof het ding het tegen een achterlijke kleuter heeft en ze moet de neiging onderdrukken om de remote niet naar een van de speakers te gooien.
Haar rusteloze vingers laten het potlood met rust en kruipen over het touchscreen om een tweet de ether in te sturen.
‘Ja, doe maar,’ commandeert ze kribbig, ‘en ga dan vooral een tijdje op standby staan.’
‘Dag lieverd. Hoe is het daar?’ De zoetgevooisdheid druipt van de stem van haar partner. Er komt nu beslist iets waar ze niet blij mee zal zijn.
‘De shuttlebus vanuit Bergen op Zoom heeft weer eens vertraging. Ik zal zeker tien minuten later in Vlissingen aankomen…’
Shit! Voor haar ogen knipt de digitimer kostbare seconden weg. Tien minuten, het maakt het verschil tussen een coole entree of stressy en oververhit binnenkomen…
Ze heeft zo’n pesthekel aan te laat komen. Dikke kans dat die del van main office dan de sappigste nieuwtjes weer voor haar neus weggekaapt heeft om er morgen sier mee te maken tijdens de dagelijkse online strategy meeting.
Volgens de laatste technieken van Awareness ademt ze diep in en uit en probeert zich te focussen op de kale muur tegenover haar.
Hoe heeft de overheid ooit kunnen toestaan dat het Railnet zijn diensten in deze provincie mocht opheffen zodat er nu geen treinen meer in het Zeeuwse rijden? Want mooi dat dezelfde overheid wel een belachelijk groot aandeel van hun inkomsten als tweeverdieners opslokt.
Automatisch besturen haar gedachten de vingers die al standby staan voor een volgende tweet.
‘Er is nog iets…’ Henks zenuwachtig kuchje verraadt dat er nu echt iets heel vervelends aan komt. ‘Ik heb onderweg een incall van Care ontvangen. Er is iets met mama en ze verzoeken dringend of ik vanavond een paar minuten Personal Attention aan haar wil besteden.’
‘Wat! Hoe kan dat nou? Ik heb net een heel pakket dagelijks rapport binnen gekregen…’
Gefrustreerd slaat ze haar ogen ten hemel. Als plichtsgetrouwe echtgenote heeft ze zich door het oersaaie aanbod aan gegevens van het oude mens geworsteld: bloedwaarden, stemmingsmeters, de uitkomsten van de bewegingssensoren, de voorgeschreven visuele meldmomenten, ze weet zelfs hoe vaak haar schoonmoeder naar het toilet is gegaan en welke waarden deze bezoeken opleveren  – details over constitutie, eiwitten en kleur waar ze meestal snel doorheen scrolt – en zelfs het onbegrijpelijke Carejargon heeft ze halfslachtig aan zich voorbij laten glijden. Ongelooflijk trouwens dat, zelfs nadat de officiële “Richtlijnen bij Multitasken” zijn uitgebracht, dit soort instanties nog steeds niet in staat zijn hun informatie in korte en bondige streams samen te vatten.
‘Ze mankeert niets! Ze kan het gewoon niet hebben dat we uitgaan.’
De stilte aan de andere kant van de verbinding vertelt haar dat deze uitbarsting niet het juiste effect oplevert. Een andere tactiek dan maar.
‘Schatje,’ fleemt ze en ze hoopt maar dat ze het er niet te dik op legt, ‘waarom Skype je haar niet even met je smartphone? Je bent voorlopig toch nog wel onderweg, dus tijd zat om haar alle P.A. te geven die ze nodig heeft.’
‘Helaas, lieveling.’ Zijn overdreven zucht doet haar een moment vrezen dat een windstoot tot in hun volledig en volgens de laatste eco-normen geïsoleerde penthouse is doorgedrongen. ‘Care drong aan op echte persoonlijke Personal Attention. Fysiek contact, knuffelmomenten… Moeder weigert trouwens om op Skype te komen: ze is wel online, maar ze reageert niet op mijn oproepen…’
Shit, shit, shit. Haar avondje dreigt echt in de soep te lopen. Ze werpt nogmaals een blik op de digitimer: 83 minuten te gaan… als ze haar gewavede haar onder een sjaal verbergt  en niet weer door de hoofddoekjespolitie wordt aangehouden, haar kleren en schoenen alvast klaar legt…
‘Ik kan nu wel even bij je moeder langs gaan,’ offert ze zich grootmoedig op.
‘Nee, schatje. Dat is heel erg lief van je, maar… er is nadrukkelijk om míjn aanwezigheid gevraagd en… nou ja, jij en mijn moeder… ik vind echt dat je maar alvast vooruit moet gaan.’
‘Nee, dat kan je me niet aandoen! Je weet toch dat ik er een hekel aan heb om alleen door de binnenstad te moeten?’
Ze weet best dat ‘een hekel hebben aan’ een understatement is. Een tochtje door het centrum van Vlissingen bezorgt haar altijd een vorm van onbehagen die dicht in de buurt van angst komt; haar echoënde naaldhakken die de altijd aanwezige drukkende stilte doorbreken en de verlatenheid van het gebied benadrukken, het terugkaatsen van het geluid op haar zenuwuiteinden via de in onbruik geraakte overkappingen, de lege straten – uitgestorven op een paar Verdoolden of een zeldzame verdwaalde toerist die vergeten is de laatste edities van de Lonely Planet op zijn travel agent te downloaden na – en de leegstaande winkelpanden, waarvan de ingegooide ruiten haar het idee geven van muilen, jankende muilen, woedende muilen, hongerige muilen die op het punt staan achteloze voorbijgangers te verzwelgen… Ghost Town, een stad als uit een John Ford film. De door de straten zwervende pollen helmgras die zich aan de oprukkende duinen hebben ontworsteld en de continue windvlagen geven je het gevoel in een western te zijn beland net op het moment dat daar iets verschrikkelijks staat te gebeuren.
Deze gruwelijke tocht door het wandelgebied is de kortste route van hun idyllisch penthouse naast dat pittoreske Dokje van Perry naar het Bellamypark, de enige hang-out waar nog genoeg cafés zijn overgebleven om een meeting te organiseren.
En een omweg te voet langs de buitenrand van de stad kost haar beslist haar Blahniks en anders toch op zijn minst haar voeten. Ook geen optie, dus.
De auto pakken? De diazepamwaarden in haar bloed zijn nu zo hoog dat de drug-detector de auto ogenblikkelijk op non-actief zal stellen, laat staan als ze straks wat glazen alcohol heeft genuttigd. En wat is een meeting zonder alcohol? Alcohol is bij uitstek hét middel om sappige roddels te laten vloeien.
Verdomme! Waarom wil Henk toch niet net als zij overgaan op werken 2.0 ?
Werken vanuit huis is zoveel productiever. Daarnaast kan je makkelijker een social network onderhouden en zou hij eindelijk eens op tijd zijn voor in real life gelegenheden.Wat dat betreft is haar geliefde echtgenoot een fossiel uit de twintigste eeuw.
“De sociale interactie met collega’s” geeft een meerwaarde aan zijn werkplezier, beweert hij. Net alsof zijzelf contactgestoord is of zoiets. Nou, zij ontmoet op een werkdag online meer mensen dan hij in zijn hele leven.
‘Ik heb nu toevallig óók behoefte aan jouw Personal Attention.’ Ze hoort hoe ze begint te dreinen, maar weet dat ze nu alle ijzers in het vuur moet gooien om hem nog aan haar kant te krijgen. ‘Je weet niet half hoe erg het is om hier de hele dag alleen te zijn.’
‘Wat is er aan de hand?’ Het vervult haar met tevredenheid dat er iets van bezorgdheid in zijn stem doorklinkt. ‘Werkt de 24 hour compound security niet naar behoren? De mensen van Dreamliving Realisation hebben me verzekerd dat we in het mooiste en veiligste plekje van de stad zitten!’
Ze kijkt naar buiten en moet beamen dat ze werkelijk op een prachtig stukje Vlissingen wonen; het antieke haventje dat weer helemaal in oorspronkelijke staat is teruggebracht geeft haar het gevoel naast een stukje geschiedenis te leven en het Stadspark aan de andere kant biedt een weidser uitzicht dan waar menig Randstedeling van kan dromen.
Ze boft, dat weet ze ook wel. Alleen… die vreemde figuren die zich de hele dag op en rond de bankjes in het Stadspark ophouden met hun cultus rond hun artefacten… het bevreemdt haar dusdanig dat ze er niet gerust op is. De gehele collectie van de voormalige bibliotheek heeft men drie jaar geleden al gedigitaliseerd en alles opgeborgen in het Gemeentelijk Archief, brandveilig en hygiënisch, maar toch zitten er nog iedere dag Verdoolden uren voorovergebogen door hun stukken prehistorie te bladeren of er met anderen over te redetwisten.
Het meest verontrustend vindt ze de mysterieuze vorm van ruilhandel rondom deze totaal overbodige, papieren bundeltjes. Boeken gaan op bijna eerbiedige wijze van hand tot hand, maar soms ook weer niet en het niet kunnen doorgronden van deze handelingen bezorgen haar de koude rillingen. Het doet haar denken aan de digidocu’s over de straatdealers uit het vorig decennium.
‘Nee, nee, alles functioneert prima. Het is alleen het uitzicht op die boekenlui, waar ik me niet prettig bij voel. Het wordt de hoogste tijd dat de politie daar eens tegen optreedt: volgens mij overtreden ze daar het verbod op “samenscholing op publiek terrein” en wie weet welke regels nog meer.’
Haar blik is nu gevangen door het haar bevreemdende schouwspel: het intellectuele type dat al uren praktisch bewegingloos over zijn geschrift gebogen zit, drie mannen verderop die elkaar duidelijk gesticulerend onderhouden over passages en ondertussen regelmatig hun mokken bijvullen met een goedje uit een thermoskan, een huisvrouw die met haar voet een kinderwagen op en neer laat deinen op het ritme van haar lezen, een simpele man die om de haverklap zijn buurman aanstoot, schijnbaar een verklaring voor de raadsels in zijn lectuur vragend. Haar maag draait om als ze ziet hoe een vrouw haar twee kinderen aanmoedigt om bij een oude man op schoot te gaan zitten. Zíet die moeder dan helemaal niet dat deze vriendelijke oude baas het prototype van een kinderlokker is door daar zo te gaan zitten met een boek vol plaatjes, de geduldige verteller uithangend… nog even en hij haalde het bekende blikje Zeeuwse babbelaars tevoorschijn…
Huiverend wendt Ingrid zich af van het raam en stelt zichzelf gerust met de wetenschap dat haar bloedjes in de belendende kamer met chip en barcode zijn ingecheckt en zich veilig onder het toeziende oog van de Diginanny bevinden.
Wat dóen die kinderen daar in hemelsnaam in de buitenlucht? Ieder schoolcomplex en naschoolse opvang moet ondertussen toch voorzien zijn van een Ultrasecure mediatheek, geleidt door tot op het bot gescreende juffen en absoluut ontoegankelijk voor volwassenen (de herinneringen aan de kinderpornoschandalen op dagverblijven uit 2010 en 2011 liggen nog vers in ieder ouders geheugen)?  Het tafereel aan de andere kant van de haven is gewoon… onnatuurlijk.
‘Er lopen zelfs kínderen rond…,’ fluistert ze met schorre stem.
‘Liefje, niet iedereen heeft genoeg creditaccount om te meeten in een café,’ sust Henk op vaderlijke toon. ‘En niet iedereen is meegegaan in de digitale revolutie. Er zijn nog veel mensen die zich geen e-books of e-readers kunnen veroorloven. En dan heb je nog de die-hards die perse willen vasthouden aan papier en de steeds schaarser wordende boeken met elkaar willen ruilen. Sommige mensen vinden het spontane ontmoeten gewoon gezellig en er zijn er die nog steeds niet over het opheffen van bibliotheek ’t Spui heen zijn gekomen… niet iedereen is zo bevoorrecht als wij.’
Zijn betweterige opmerking komt aan als een tik op haar vingers.
Piep! Een multimed van Anja komt binnen.
‘Oh, schatje! Je moet echt op tijd komen! Ik zie net dat er een veiling op het programma van vanavond is bijgekomen: “Het Fonds voor Noodruftige Kunstenaars” heeft werk van een paar bekende, failliete Vlissingse kunstenaars onder de hamer. We moeten er echt op tijd bij zijn!’
De leegte op de wand tegenover haar knipoogt haar samenzweerderig toe…

(wordt vervolgd?)

(met dank aan José)

(Mogelijk toekomstscenario: een schimmig stadscentrum met slecht vier “highlights”)

Geplaatst in gastblog Renata Oosterveen | Getagged , , , , | 8 Reacties

Bogatir Den Haag

Ook de Russische supermarkt Bogatir in Den Haag (naast ambassade Belarus) verkoopt nu geheel belangeloos Pjotrs borsjt 🙂

Geplaatst in Nieuws | Getagged , | Een reactie plaatsen

Bibliotheek ’t Spui te Vlissingen : Hoe bezuinig je verantwoord € 500.000?

Een bibliotheek is een plaats waar je boeken kunt lenen en die toegankelijk is voor alle bewoners uit haar werkgebied, ongeacht leeftijd, beroep, maatschappelijke positie of ontwikkeling. Daarnaast heeft het als ontmoetingsplaats een sociale functie.

Dát zijn de kerntaken van een bibliotheek.

Er moet door de bibliotheek Vlissingen 500.000 euro bezuinigd worden, een kwart van de begroting. Deze bezuiniging wil de directie verwezenlijken door het sluiten van de hoofdvestiging ’t Spui en nevenvestiging Oost-Souburg en de bibliotheek onder te brengen in buurthuizen.

Alleen… sluiting geeft geen garantie dat er ook werkelijk een half miljoen bezuinigd wordt. Integendeel, ten eerst zal er een huurder voor het pand ’t Spui gevonden moeten worden – wie wil er daar straks, als het helemaal een dooie hoek is geworden, nog zitten – en daarnaast  is het nog maar de vraag of buurthuizen e.d. bereid zijn kosteloos hun toch al krappe ruimte ter beschikking te stellen.

Met het door de directie van de bibliotheek uitgebrachte plan is er dus nog totaal geen uitzicht op enige bezuiniging.

Dat is de enige conclusie die men kan en mag trekken.

Vraag is: hoe dan een half miljoen bezuinigen?

Geen idee, want ondanks navragen krijgen we geen inzicht in het financiële reilen en zeilen van de bibliotheek. We weten dus niet waar die andere anderhalf miljoen aan opgaan. Het enige houvast dat we hebben is het plan voor de zogenaamde bibliotheek van de toekomst.  En wat staat daar in? Uitbreiden schoolbibliotheken, inrichten adviesdiensten, geavanceerde website, infobibliotheek.

Schoolbibliotheken hebben hun functie reeds jaren bewezen. Het is echter de taak van de scholen zelf om die op te zetten en bij te houden. De bibliotheek kan er natuurlijk  in adviseren maar verder hoort haar bemoeienis  daarmee op te houden. Een schoolbibliotheek hoort bij het onderwijs.

Tijdens de infoavonden in bibliotheek ’t Spui werd er gewezen op de enorme hoeveelheid informatie die tijdens het zoeken op internet op je afkomt en dat bibliotheek ’t Spui daar een oplossing voor aan het maken is.

Nu bestaat er echter voor scholen al een programma dat dit doet: Biebsearch, ontwikkeld in Zwolle en bij steeds meer scholen en bibliotheken  in Nederland in gebruik. Waarom het wiel nogmaals uitvinden?

Ook wil de bibliotheek van Vlissingen volgens directeur Kees Hamann een eigen “google” ontwikkelen waarbij ze alle informatie op het internet ook nog eens gaan screenen.

Lijkt me een beetje grootheidswaanzin voor een provinciestad als Vlissingen.

Natuurlijk is het voor sommige mensen handig terecht te kunnen op een geavanceerde website waardoor er 24/7 gebruik gemaakt kan worden van bibliotheekdiensten.  Een Biebsearch, maar dan niet alleen voor het onderwijs, zal daar in de toekomst een oplossing voor bieden. Ook die hoeft Vlissingen dus niet zelf te gaan maken. Dat is geld weggooien.

Vlissingen heeft bijna 45.000 inwoners. Daarvan is ruim 31 % ouder dan 55 jaar.

Als bibliotheek Vlissingen zoals ze in haar brochure schrijft  een bibliotheek wil behouden die past bij de behoeften van vandaag en morgen, dan kan en mag ze deze, veelal niet of amper “gedigitaliseerde” groep, niet in de kou laten staan.Dan zal ze moeten snijden in zaken die niet tot de kerntaken van een bibliotheek behoren.

Het is als met het snoeien van een plant, als je te ver terugsnoeit houd je uiteindelijk niets meer over. Je moet de loten die teveel energie kosten en de plant zwakker maken eraf halen en hem toppen!

P.S.

Wat  bibliotheek ’t Spui voor u betekent kunt u nog steeds op facebook laten weten. Als u hier klikt komt u meteen op de desbetreffende pagina

Als u wilt dat al uw internetvrienden dit blog ook zouden moeten lezen, hoeft u alleen maar op een van de  knoppen bij Share and Enjoy te klikken (van facebook tot twitter)

Geplaatst in Algemeen | Getagged , | 8 Reacties

Bibliotheek ’t Spui in Vlissingen moet blijven

“De bibliotheek komt naar u toe” staat er in de allernieuwste brochure van de bibliotheek van Vlissingen, met daaronder “Bezuinigingen versnellen de opkomst van de nieuwe bibliotheek.”

In vier A4-tjes, op een zo gladde manier geschreven dat je er bijna over uit zou glijden, presenteert de directie van de bibliotheek van Vlissingen heel ambitieus de bibliotheek van de toekomst. Het toverwoord daarbij is digitalisering.

Met kreten als  “het gebruik van boeken verandert door de digitalisering van de samenleving drastisch” en “we moeten ons realiseren dat de digitalisering van boeken en kranten sneller verlopen  – moet in goed Nederlands natuurlijk verloopt zijn – dan we dachten” moeten wij Vlissingers rijp gemaakt worden voor het onzalige plan bibliotheek ’t Spui te sluiten.

Een van de aangevoerde argumenten is dat er in de Verenigde Staten al bibliotheken zijn die meer ebooks uitlenen dan gedrukte boeken. Alsof je een land waar je zelfs om naar de bakker op de hoek te gaan een auto nodig hebt (32 inwoners per km2) kunt vergelijken met Nederland (400 inwoners per km2). Maar dit terzijde.

Vervolgens wordt in de brochure onder het kopje “Alternatieven?” een doemscenario geschetst. Zo zou het overeind houden van ’t Spui betekenen dat er geen activiteiten meer georganiseerd kunnen worden, abonnementen duurder worden, er een contributie voor de jeugd moet komen en ga zo maar door.

Alsof er geen alternatieven zijn! Of passen die niet in het straatje van de directie en worden ze daarom maar voor het gemak weggelaten?

Het zou zomaar kunnen want een bladzijde verder wordt vol trots gesteld dat het plan niet zomaar uit de lucht komt vallen, dat er al veel onderzoek en voorwerk is gedaan en dat er hierdoor in Vlissingen geen daling van het aantal uitleningen maar een lichte toename is! Dit in contrast met landelijke ontwikkelingen.

Nu weet ik niet op welke cijfers de directie van de bibliotheek zich baseert, maar de cijfers van de Stichting Leenrecht – zij houden sinds 1996 alle uitleningen van bibliotheken in Nederland bij – vertellen een heel ander verhaal.

Landelijk lag het dieptepunt voor bibliotheken in 2006. Toen werden er 123,2 miljoen uitleningen gerealiseerd. Sinds dat jaar is het aantal landelijk echter weer gestegen tot 130,4 miljoen in 2009. Een stijging van bijna 6 %.

In Vlissingen was het totale aantal uitleningen in 2006 235.057 en daalde het in 2009 naar 228.570. Een daling van bijna 3 %. Procentueel gezien doet Vlissingen het dus bijna 9 % slechter dan het landelijke gemiddelde en zou je dus in plaats van “daarom willen we deze aanpak overeind houden” moeten schrijven: “als andere bibliotheken in Nederland het beter doen, dan doet Vlissingen het fout!” Want dat is de waarheid.

De cijfers voor 2010 zijn nog niet bekend. Maar de algemene verwachting is, gezien onder andere het resultaat van Groningen en Haarlem, dat de landelijk trend zich vorig jaar verder heeft doorgezet en dat er een flinke stijging in het aantal uitleningen heeft plaatsgevonden. In elk geval in plaatsen als Venlo, Kampen en Barneveld – om er maar eens drie te noemen die qua inwoneraantal te vergelijken zijn met Vlissingen –  die reeds gemeld hebben dat ze in 2010 een record aantal uitleningen hebben gescoord. Ik ben benieuwd naar de cijfers van Vlissingen.

Maar laat ik verder gaan met het geschetste plan voor de bibliotheek van de toekomst.

De bezuinigingen worden volgens het plan gerealiseerd door de hoofdvestiging ’t Spui en het filiaal in Oost-Souburg te sluiten. Maar daarvoor komt heel veel in de plaats: een thuisbibliotheek met een boekenbezorgdienst – zien wij straks de bibliothecarissen als pizzakoeriers door de stad racen? – een webbibliotheek, een infobibliotheek, buurtbibliotheken – met persoonlijke begeleiding!, tjonge jonge –  schoolbibliotheken met geschoolde mediathecarissen en ga zo maar door. Wat een lijst, je zou bijna denken dat het niks kost.

Ook gek, een brochure, een plan en nergens een begroting, nergens een financiële verantwoording. Waarschijnlijk is die er ook niet want de bibliotheek moet volgens eigen schrijven de deskundigen bij dit traject nog betrekken.

Zonder een gedegen getoetste financiële onderbouwing is het natuurlijk waanzin om dit plan uit te voeren. Om maar een voorbeeld te noemen: als je als Gemeente een gebouw sluit dat van jezelf is, heb je, behalve op je energierekening, nog geen cent bezuinigd.

Daarnaast speelt er nog iets anders mee. Vlissingen worstelt met leegstand van winkels, de middenstand heeft het zwaar. Met de sluiting van bibliotheek ’t Spui haal je een belangrijke trekker uit het centrum weg en zorg je dat  er alleen maar meer bordjes te huur en te koop bijkomen.

Een bibliotheek is veel meer dan een uitleenplek voor boeken. Het is een ontmoetingsplek voor mensen, een plaats met een grote sociale functie. Dus waarom zou je in plaats van te bezuinigen die plek niet aantrekkelijker maken zodat er meer geld binnenkomt?

Dat zoiets kan bewijzen de bibliotheken in Overijssel. Op basis van kennis en ervaring – waarom zou je het wiel twee keer willen uitvinden – uit de retailwereld zijn ze daar begonnen de bibliotheken om te bouwen. Een aantrekkelijke inrichting op basis van winkelformules, een uitdagende presentatie van materialen en een collectie die naadloos aansluit bij de wensen van de klanten. Een plek waar je verrast wordt, een genot om doorheen te lopen. Je wordt bij wijze van spreken verleid om boeken mee te nemen. Ga maar eens in Zwolle Zuid kijken.

En het resultaat? Het aantal uitleningen in Overijssel (12 miljoen) is in 2009 met een half miljoen gestegen. En dat terwijl men er nog maar net met het ombouwen begonnen is. In 2010 zijn er zelfs vestigingen die 40 % hoger gescoord hebben.

Bibliotheek ’t Spui heeft jarenlang stil gestaan. Alles staat nog zo’n beetje zoals het er ooit is weggezet. Saaie, lange rijen met boeken, nog op de ouderwetse manier op genre en met de rug van het boek naar je toe gerangschikt, en de schitterende enorme ruimte zo onhandig, onlogisch en oneconomisch ingedeeld dat iedere winkelier zich er meteen voor zou schamen. Bij een betere indeling en een actievere organisatie zou het in weinig tijd om te bouwen zijn tot een bruisende ontmoetingsplaats. Vlissingen heeft zoveel culturele evenementen, als er alleen daar eens op ingespeeld zou worden. En waarom zou je actieve galerietjes en winkeltjes die in de normale, hoge huren wereld niet kunnen overleven maar wel een wezenlijke bijdrage leveren aan het culturele bewustzijn van Vlissingen niet de mogelijkheid geven zich in en rond bibliotheek te vestigen om zo nieuwe mensen te trekken? Ik denk dat er meer dan genoeg creatievelingen in Vlissingen rondlopen die van de bibliotheek een fantastische plek kunnen maken, een trekpleister voor het hele, noodlijdende winkelgebied.

“Meegaan in digitalisatie *“ staat er op het eerste blad van de brochure. Inderdaad, je zou van het plan van de bibliotheekdirectie een hartkwaal krijgen.

*  (digitalisatie is het toedienen van medicatie bij hartziekten)

Mocht u ook vinden  dat  bibliotheek ’t Spui moet blijven, dan verzoek ik u vriendelijk op Facebook op de community “Bibliotheek ’t Spui in Vlissingen moet blijven” een berichtje op het prikbord achter te laten. Klik hier om daar rechtstreeks naartoe te gaan.

Geplaatst in Algemeen | Getagged , , | 6 Reacties

Cyberprinsen en boekpresentaties

Boekpresentatie Ana-Lyse in de Piek te Vlissingen op 19 december 2010.

Terwijl het land geteisterd wordt door sneeuw, ijs en winterse stormen en horden fans vastzitten boven de Moerdijk, vicieus circuleren op een beijzelde Nieuw Vlissingse Weg, dan wel in sneeuwpret zijn blijven steken, begint de temperatuur in het plaatselijke cultuur Walhalla “De Piek” aangenaam op te lopen.

Marcella heeft zichzelf overtroffen en een waar gastronomisch  en visueel spektakel tevoorschijn getoverd: verleidelijke hapjes in schilderijlijsten gevangen en een tot de verbeelding sprekende, door zinnelijke delicatessen omlijste collage. De feestartikelen van Ingrid geven de eens onpersoonlijke etalagepop een verboden tintje en deze troont voor de gelegenheid als een strenge meesteres boven de uitgestalde waar.  De bijgeleverde handboeien impliceren dat dit stilleven niet ongestraft verstoord kan worden…

Dat laatste blijkt gelukkig mee te vallen, want als ik een gevulde dadel uit de linkerbovenhoek van het schilderij pik, blijft straf uit.

De leegte overziend schiet  even het visioen door mijn hoofd hoe ik de komende twintig dagen mijn tijd zal vullen met het verorberen van deze hapjes en het consumeren van de ingeslagen voorraad bubbels, maar dan druppelen de eerste diehards binnen en al gauw is de zaal gevuld met boek- en muziekliefhebbers, vrienden en aanverwanten, familie en nieuwsgierigen, verdoolde straatartiesten en doelgerichte genodigden; een uitgelezen publiek om van te dromen.

Maarten Termont (fotografie Frank Viergever)

De eerste gitaarklanken klinken en Maartens wonderschone liedjes vullen de ruimte. Weer voel ik me verheugd dat hij aan deze middag heeft willen bijdragen; de stemming van gemoedelijkheid en interesse wordt door zijn stem nog meer verhoogd.

En dan is het moment suprème aangebroken: de officiële overhandiging van het boek “Ana-Lyse” aan Luana Goetheer.

Was die ene avond er niet geweest, zoals gebruikelijk onder het genot van hapjes en rode wijn, waarin ze over haar ontmoeting met een – zich tot een akelig heerschap ontpoppende – kerel vertelde, dan was het idee voor deze thriller nooit geboren.

Na een week van voor schrijversduo’s niet geheel vreemd voorkomend gesteggel  –  Schrijf jij de speech of doe ik het? Wie doet de voordracht? Overhandig jij het boek? Ja, maar… – en nadat we tot het compromis ‘Renata schrijft het verhaal, José draagt het voor’ waren gekomen (hoe moeilijk kan het zijn, om na een heel boek lang in een vrouwenhuid te zijn gekropen, een verhaaltje vanuit een vrouwenperspectief te vertellen?), is het dan zover.

Voor diegenen onder u die niet bij de presentatie aanwezig konden zijn: hierna volgen de introductie en de tongbrekende speech waar ik mijn medeauteur mee heb opgescheept. Mea culpa.

Desalniettemin kwamen de woorden er vloeibaar uit en weet ik nu: boekpresentaties in de Piek? Count me in!

(fotografie: Frank Viergever)

Samen een boek schrijven, hoe gaat dat eigenlijk?

Tja, wat zal ik daar nu eens van zeggen.

De ene keer “maakt”de een het verhaal de andere keer de ander. En als je alle twee  halverwege een boek ineens het verhaal wilt maken, dan heb je een probleem.

Zoals nu dus.

Zowel Renata als ik wilde natuurlijk dit praatje houden. Veel te leuk om te doen.

Maar om twee verhalen te gaan staan vertellen is ook zo wat. Dan staat over een half uur iedereen te gapen en zijn de bubbels uitgebubbeld als we klaar zijn.

En dat is ook weer niet de bedoeling.

Daarom hebben we een creatieve oplossing gekozen:  Renata maakt de tekst en ik mag hem voorlezen.

Hoe het mogelijk is dat ik me hiervoor heb laten strikken is me nog steeds een raadsel.  Want Renata’s prozaïsche zinnen zijn af en toe echte tongtwisters. Lang, kunstig opgebouwd en met een woordkeus waar ik vaak jaloers op ben.

Om te lezen ontzettend leuk, maar om voor te lezen….

Toch zal  ik eraan moeten geloven. Er zit niets anders op.

(fotografie: Jannes van Gemert)

Daar gaan we:

Een veelgehoorde vraag de afgelopen maand:  internet daten, hoe werkt dat?

Ontmoetingen op het digitale terras verschillen niet zoveel van de sociale interactie in de analoge wereld.  Mits je goed voorbereid bent zijn er in beide gevallen drankjes en hapjes, komt er een gevarieerd publiek en kan je vertrekken wanneer je het wel gezien hebt.  Het grote voordeel van een virtuele terrasbeleving?  Ook midden in de winter is het er warm en comfortabel.  Een niet te versmaden extra voor de rokende vrijgezellen onder ons.  Daarnaast hoef je jezelf niet dicht te plamuren om het winterbleek te verhullen, kan dat kekke, maar veel te krappe jurkje rustig in de kast blijven hangen, en als je al besluit jezelf te presenteren, kies je daarvoor natuurlijk je meest voordelige foto uit.  Of je plukt er een van het internet, maar dit terzijde.

Winteravonden kunnen lang en saai zijn. Onder het mom van “lekker cocoonen met zijn tweeën” sluiten vrienden de deuren steeds vroeger.  Ervaring leert dat zij zich pas halverwege maart weer onder de mensen zullen begeven.  Ook de zongebruinde Adonissen zijn opgeborgen. In hun plaats wordt nu het straatbeeld bepaald door Michelinmannetjes met snotkokers.  En zelf besluit je de kou alleen nog te trotseren voor de kortste route werk en supermarkt.

Winter en naderende feestdagen, hoeveel meer redenen heeft een eenzame vrijgezelle nodig, om zich – gehuld in joggingpak en bedekt met een dekentje – tot aan het voorjaar in te willen graven?

Tot een acute oproep van buurvrouw en vriendin X me uit mijn vroegtijdige winterslaap wakker schudt.

De ontdekking van X’s ex op een datingsite, toastjes Aldi-camembert en de nodige glazen rode wijn, leveren voldoende ingrediënten waarmee onze ingekakte nieuwsgierigheid weer tot leven wordt geblazen.  Vanaf het beeldscherm gapen ons duizenden foto’s van zoekende mannen aan en de mogelijke belofte van een plezant tijdverdrijf grijpen we – in een staat van opperste baldadigheid – met beide handen aan.  Veel profielen zijn latent pathetisch en radeloos, andere wekken de nodige hilariteit op.  Er zijn mannen bij die poseren met zeilbootjes, auto’s, motoren en soms zelfs met potentieel afschrikwekkende schoonmoeders (die slaan we dus gelijk over). Maar er zijn er genoeg die er beslist veelbelovend uitzien.

Nickname? Ik probeer een stoere, no-nonsense naam te verzinnen. Kees, of  Bobbie. ‘Doe mij maar Rawit!’ roept X vanuit de keuken. ‘Dan weten ze gelijk waar ze aan toe zijn.’

Geboortedatum?  Uhm… scrollend kom ik erachter dat onze leeftijdscategorie weinig smakelijks herbergt, dus verdwijnen er tien jaar van mijn ware leeftijd.  ‘Maak mij maar vijftien jaar jonger!’ klinkt het achter me. ‘Geweldig! Dit gaat veel sneller dan plastische chirurgie. En veel goedkoper.’

Geen centje pijn. We zijn nu beiden in de dertig, een welkome onderbreking van de najaarsmoeheid die ons regelmatig bejaard doet voelen.

De regio wordt Zuid-Holland, niet Zeeland – stel je voor dat je een bekende tegen het lijf loopt –  maar … ook weer niet te ver. Gewoon lekker centraal, je moet je kansen een beetje spreiden, nietwaar?

Beroep? Tweemaal directeur. Geven wij immers geen leiding aan ons eigen leven?

Kinderen? De laatste ruzie over de afstandsbediening, de hopen was die morgen weer op ons wachten, het genieten van dit avondje vrij…. nee, vandaag even geen kinderen.  En mannen met kinderwens slaan we gelijk ook maar over.

Sport? Schaapachtig, ons doorlopende, maar niet gebruikte abonnement op de sportschool indachtig, kijken we elkaar aan.  Op dat moment besluit de gestreepte kat van X op het toetsenbord te springen en zijn onappetijtelijke aars tot onder mijn neusgaten te draaien. Voor de derde keer deze avond zeil ik hem door de woonkamer.  ‘Katwerpen!’ besluit X. ‘Een nieuwe tak van sport.’

Boek?  ‘Zen en de kunst van het Levensonderhoud.’ X plaatst een schaal magnetronhapjes van de voordelige grootgrutter op het met drank en rookwaar volgeladen tafeltje.

Alcohol?  Soms.  Terwijl het me moeite kost de woorden nog scherp in beeld te krijgen, proosten we met de net weer volgeschonken glazen.

Roken?  Simultaan drukken we onze peuken uit in de overvolle asbak.

Gewicht?  Peinzend bestuderen we elkaars alles verhullende slobberkleren. Mwa, tegen de tijd dat Mr Right zich aandient hebben we onze ongebruikte lovehandles vast weggewerkt. We kunnen er dus best vijf kilo afgooien.

Lengte?  Mmm… een beetje langer kan ook geen kwaad.

Bij “huidskleur” twijfelen we even tussen geel, rood en bruin, en balen ervan dat groen niet tussen het rijtje staat.

Twee van internet geplukte en enigszins bewerkte foto’s later, een kilo hapjes zwaarder en vier flessen wijn lichter, drukken we op ‘opslaan’ en ‘versturen’.

Sinterklaas mag dan dit jaar onze schoen hebben overgeslagen, wie weet wat we morgen in ons postbakje aantreffen.

Vol verwachting klopt ons hart.

Luana Goetheer (fotografie: Jannes van Gemert)

Dit boek is opgedragen aan Luana Goetheer, wiens smakelijke hapjes en opgediste belevenissen als inspiratiebron en uitgangspunt voor het verhaal van Ana-Lyse hebben gediend.

(fotografie: Luana Goetheer)

En voor Katjong natuurlijk – moge hij rusten in de kattenhemel: er zal nooit meer een werpwilliger kat op deze aardkloot rondlopen.

MEER OVER ANA-LYSE ?

(fotografie: Frank Viergever)
Geplaatst in gastblog Renata Oosterveen | Getagged , , , , , | 3 Reacties

Boekhandel De Drukkerij in ’t Spui zijn de volgende in de rij

Boekhandel De Drukkerij  te Middelburg en ’t Spui in Vlissingen verkopen vanaf heden ook geheel belangeloos Pjotrs borsjt

Geplaatst in Nieuws | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

9 nieuwe boekwinkels voor Pjotr

De Libris-boekhandels van Edel b.v. te Zwijndrecht, Barendrecht, Spijkenisse, Numansdorp, Hellevoetssluis en Oud-Beijerland hebben het voorbeeld van ‘Het Verboden Rijk’ gevolgd en verkopen nu ook geheel belangeloos Pjotrs borsjt .

Geplaatst in Nieuws | Één reactie

Het Verboden Rijk in Roosendaal is de eerste! Wie volgt?

Boekhandel ” Het verboden Rijk ” te Roosendaal (Nieuwe Markt 66 E) is de eerste boekhandel in Nederland die geheel belangeloos Pjotr borsjt in de verkoop heeft genomen.

Hulde! Hopelijk volgen er meer

(Mocht er in uw buurt een boekhandel zijn die ook mee wil doen, vraag hen dan om zich te melden. Bij aankoop van 20 boeken krijgen ze er een gratis schrijversbezoek bij)

Geplaatst in Nieuws | Getagged , , , | Een reactie plaatsen